GOUVY
Terwijl in de bureau’s van de ingenieurs en ontwerpers de hogesnelheidstrein de eenentwintigste-eeuwse stations binnen raast hangt er een grijze motregen boven de spoorwerkers langs een lijntje ergens in de heuvels bij Gouvy. Er worden gegalvaniseerde stalen profielen opgericht aan weerszijden van het spoor om straks, nog net voor de eeuwwisseling, de electrificatie van de lijn te kunnen bewerkstelligen. De stampend zwoegende en roetbrakende diesels worden uit de rails genomen en de stilte van de Belgische heuvels zal voortaan slechts doorbroken worden door het stalen geruis van wind en wielen. Wel toont de lijn zich met haar electrische tooi nadrukkelijker dan voorheen, ze verheft zich boven het maaiveld. Tot voor kort was het slechts de zwarte rookpluim die dat waagde. Vóór die aanpassingen zou de stoomtrein hebben kunnen arriveren zonder verbazing van de wachtende reizigers op de open perrons of onder de met kant afgewerkte luifels van de kleine stations langs de verscholen spoorlijn.

De stoomtrein werd nu echter aangekondigd. Weken van tevoren spraken de lokale kranten over de ontmoeting van de Belgische locomotief uit 1893 en de Nederlandse uit 1909 die plaats zou vinden op een zaterdag in 1997 op het station van Gouvy. Honderden belangstellenden verdrongen zich al vroeg op de perrons, niet eerder zag het er zo zwart van de mensen. Alle mannen droegen een videocamera.
De door de heuvels gekaatste stoomfluitsignalen zetten de camera’s op scherp lang voordat de zwartblinkende monsters met spuitende witte wolken uit tegengestelde richtingen in zicht kwamen. Geen detail ontsnapte aan het alziende oog dat gevormd werd door de honderden lenzen: de oliespatten op de zakdoek van de stoker, het digitale horloge van de machinist, het geringste boutje, alles was van belang en werd opgeslagen in een brisantgranaat van videotapes die later op de dag uiteen zou spatten in fragmenten die neerdwarrelden op de schappen van wandmeubels en televisiekasten om stom te wachten op een zeldzame revelatie.

Zo liggen alle details van alle dingen, in veelvoud, gemagnetiseerd opgeslagen als een gigantesk mormonenarchief van de wereld der realia.

Ik heb de eer zo af een toe een blik te mogen werpen in dit archief. Goedbedoelde banden die ik opgestuurd krijg of die worden getoond bij bezoek aan kring van familie en vrienden. Soms hebben de beelden betrekking op een wereld die ik liever niet zie. Ik heb niet voor niets tien jaar geleden de kabel doorgesneden en de antenne van het dak gehaald.

pag. 1 | pag. 2 | pag. 3