| GROTE VERHALEN Rudy J. Luijters, 2000 Overweging bij project energielandschap |
||
| Toen de gebroeders Grimm in het begin van de 19e eeuw begonnen met het verzamelen van sprookjes uit Midden-Europa, hadden ze het idee dat ze net op tijd waren, of eigenlijk al iets te laat. Hoe weinigen waren nog in staat dat wat nog restte, door te vertellen; zoveel verhalen, sprookjes en mythes waren al verloren gegaan. De Grimms hebben uiteindelijk in dertien jaar tijd het collectief geheugen op de snijtafel gelegd en met precisie opgetekend wat zij te zien, in dit geval te horen, kregen. Hoewel in een definitieve druk enige aantekeningen werden toegevoegd, hebben de gebroeders hun werk klinisch gedaan; interpretaties en analyses bleven achterwege. Later, met de opkomst van de psychologie, is duidelijk geworden dat de verhalen diep, heel diep wortelen in de europese cultuur en dat de rijke, vaak uiterst merkwaardige beelden ruimte hebben gegeven aan tal van ethische, pedagogische, theologische en psychologische dilemma’s. |
De afgelopen jaren heeft in kringen van denkers de gedachte postgevat dat de ‘grote verhalen’ tot het verleden behoren, dat er niet langer sprake is van ontwikkeling van collectief gedeelde ‘structuren’ die richting geven aan het denken of handelen, of er de beelden van vormen. |
Daar lijkt geen ruimte voor in die architectuur van de vooruitgang; onvoldoende nissen, kelders en zolders, het licht komt overal en lost schaduwen op. Bij het wandelen door de duinen ten noorden van Petten stuit de wandelaar op een oneindig hek dat aggressief duidelijk maakt dat wat er zich achter het hek bevindt niet bedoeld is voor argeloze vreemden. Er springen beelden in het hoofd: oostblokstrategiën, Kuifje, gevangenis. Wees vooral niet welkom. |
|
pag. 1 | pag. 2 |
||